Friday, March 30, 2012

Manizales, Medellin & Bogota

Onze laatste stop in de koffie driehoek is in de meest noordelijke stad, Manizales. De bergachtige omgeving vind je ook terug in de stad zelf (deze ligt op een bergrug) en om van het busstation naar het centrum te komen neem je een kabellift (un cable aéro). Deze is naast praktische redenen gebouwd om de bereikbaarheid van het centrum voor de laaggelegen slechtere buurten te verbeteren en de leefbaarheid te vergroten. Ons hostel Base Camp ligt vlak naast de uitgang van de skilift en nadat we ons geïnstalleerd hebben gaan we het universiteitsstadje verkennen. Als we er buiten bij de Juan Valdez onder het genot van een perfect bakkie achter komen dat we onze ‘bijbel’ zijn vergeten, en er middels een telefoontje achter komen waar die ligt, hebben we de Lonely Planet binnen no-time opgehaald en beginnen we vroeg met eten, omdat we de volgende ochtend vroeg op pad gaan. Iedere backpacker heeft namelijk zo nu en dan een grote persoonlijke schoonmaakbeurt nodig en deze dag is het onze beurt. De bus en taxi brengen ons bij de poorten van Termales de Santa Rosa waar we een dagje lekker kunnen ontspannen in thermale baden en onder een prachtige waterval. Volledig geweekt stappen we aan het eind van de middag in een Chiva, een traditionele Colombiaanse bus, die ons weer terug brengt. Na twee nachten houden wij Manizales voor gezien en reizen verder naar voormalig ‘murder capital of the world’, Medellin!

In El Poblado, een betere buitenwijk van de stad, vinden we een perfect hostel, El Arupo, dat wordt gerund door een alleenstaande Colombiaanse moeder die haar kind de hele dag bij zich heeft. Dat is in Zuid-Amerika overigens normaal bij gebrek aan geld voor kinderopvang. Die kleine heeft de neiging om de hele boel bij elkaar te blèren, maar we leren haar wat beter kennen en het blijkt ook een leuk grietje te kunnen zijn. Is ook niet makkelijk als je moeder de hele dag bezig is en je weinig aandacht krijgt. De enige twee andere gasten op dat moment zijn twee oude mannen die de hele dag als oude wijven met elkaar ouwehoeren. Beetje Statler en Waldorf, maar dan minder chique. In de buurt stikt het van de hippe barretjes en Sil vindt een mooi tentje om haar CV bij te werken, omdat ze een mooie vacature bij Accenture voorbij zag komen. Ze wil ook niet mee op de Escobar-excursie de volgende dag, waar Steph daarentegen erg veel zin in heeft. De tocht voert langs het graf van Pablo, een schuilhuis, de plek waar hij is doodgeschoten en zijn levende broertje. Deze is door een bombrief van het Cali-kartel half blind en doof, maar desondanks erg charismatisch. Als voormalig boekhouder van ooit het grootste ‘bedrijf’ ter wereld, beweert hij van weinig echt af te weten en is voornamelijk bezig met het versieren van blond vrouwelijk schoon. Het meisje dat hij meeneemt in een verborgen gat in de muur kan er wel om lachen, haar vriend iets minder, want is behoorlijk geïmponeerd door deze kleine Escobar.

‘s Avonds doen we nog een rondje door de buurt en het valt op dat het hier goed gaat met de Colombianen. De meesten zien er goed uit en het niveau van de horeca is westers. Daardoor ook prijzig en aangezien we als gevolg van onze aankomende verjaardagen een beetje haast hebben gaan we snel verder naar Bogotá. We doen er een hele dag over om in de hoofdstad te komen, onderweg entertained door het verloop van de kwartfinale Copa America die Colombia van Paraquay verliest, maar het is lekker om eindelijk aan te komen, want de volgende dag is 17 juli.

30! Sil is jarig! Met een ontbijtje op bed en lang zal ze leven, wordt Sil lekker wakker in Alegria hostel. We hebben de zolderkamer van dit hostel in La Candaleria en genieten van het uitzicht op de stad. Sil is dolblij met de sieraden uit Salento, het vooruitzicht op haar duikbrevet en de filmpjes die haar dierbaren online hebben toegestuurd. We hebben geluk dat op zondag de Pastelería Francesa open is, zodat we ook nog koffie met gebak krijgen. Die avond zouden we gaan eten bij goed aangeschreven restaurant Tapas Macarena, maar ze zijn helaas dicht, dus dat stellen we een paar dagen uit. Na een wandeling door La Candaleria, waar wordt aangeraden om na het donker extra voorzichtig te zijn, vinden we op een plein vol studenten een mooi ander plekje, zodat we dag dag goed kunnen afsluiten. In de dagen die volgen bezoeken we het Museo del Oro, want goud was natuurlijk een belangrijk motief voor de initiële aanwezigheid van de Spanjaarden in Zuid-Amerika. Het prachtige Museo Botero, de Colombiaanse schilder die al zijn figuren; handen, sinaasappels, vrouwen, strijders van de FARC, enz, mollig afbeeldt. Eet Steph een typische arepa (maisbrood) con chorizo. We proberen nogmaals om bij Tapas Macarena te gaan eten, in een upscale wijkje net boven La Candaleria, en het is wederom dicht. Peter, de Nederlandse eigenaar, die gelukkig wel aanwezig is, wijst ons op het net geopende zusje aan de overkant en hij geeft aan dat hij later op de avond nog even aanschuift. Het wordt een gezellige avond, waarin Peter een paar mooie verhalen over het leven in het buitenland vertelt en ons aanraadt om hetzelfde te doen. De Europese tapas waren overigens ook wel weer erg lekker.

Dat was Bogotá, dachten we.. Op dat moment was het namelijk nog onduidelijk wanneer en van waar we terug naar Europa zouden vliegen. We zijn lang bezig geweest met de gedachte om ons Zuid-Amerikaanse verblijf te verlengen, of in ieder geval nog naar Midden-Amerika te gaan en vandaar terug te vliegen. Het is allemaal anders gelopen en een maandje later waren we weer terug in de hoofdstad van Colombia.

Maar eerst de rest van Colombia, te beginnen met pareltje Villa de Leyva.

Sunday, March 4, 2012

Salento

Zona Cafetera! Na een ontspannen busrit vanuit Darién komen we rond het middaguur aan in Salento, waar we onze intrek in hostel het Plantation House nemen. Deze oude koffieplantage ligt aan de rand van het dorp in de prachtige natuur. De eerste verkenning van het dorp die middag bevalt goed en eindigt met een 5-uur biertje tussen de locals op het centrale plein.

De volgende ochtend vertrekken we al vroeg naar de Valle de Cocora. Hier zijn de grootste palmbomen ter wereld, tevens nationale boom van Colombia, te vinden: Palma de cera (wax palm). Deze kunnen wel 60 meter hoog worden en staan op adembenemende groene heuvels. Onze jeep zit al snel vol met een Colombiaanse familie die dit dagje uit begint met bier. De stemming zit er dan ook goed in als we na een uurtje rijden bij het startpunt van onze wandeling aankomen. De familie kiest voor paardenvervoer, wij gaan verder te voet. Eerst langs een forelkwekerij en dan door de sprookjesachtige omgeving waar tussen de heuvels en palmbomen door grote flarden wolk hangen. Dit is met gemak een van de mooiste plekken waar wij ooit geweest zijn! Na een ontspannen lunch uit de rugzak, maakten we ons op voor het tweede gedeelte van de wandeling door het cloud forest. Meanderend over en langs de rivier kwamen we na een kleine omweg bij de Reserva Natural Acaime voor een korte pitstop en een lokale specialiteit: Hete zoete thee met kaas. Best lekker, alhoewel je na zo’n wandeling wat minder kritisch bent. Tijdens het zitten word je overigens continue geëntertaind door kolibries die in groten getale aanwezig zijn. Weer terug bij de jeep raakten we in gesprek met een Argentijns koppel, dachten we. Het bleken Ynama en Hidde uit Utrecht te zijn. Ook op een lange reis en erg relaxed. En toevallig is Ynama op dezelfde dag jarig als Billy en hebben we met z’n allen de taart gegeten die Hidde had geregeld om dit te vieren. Die dag kwam de lokale politie overigens nog even langs met het hele bureau, omdat de commandant het goed voor het Engels van zijn agenten vond. Was wel een grappige sessie, omdat alleen bromsnor het hoogste woord over zichzelf had.

Dit dorpje is echt een aanrader met een goeie sfeer, leuke cafés, restaurants en winkeltjes. Een prachtig uitzicht op de vallei en het dorp op Alto de la Cruz. Op een gegeven moment zijn we een groep enthousiast zingende jongeren tegengekomen, die op een grappige manier de aandacht van al het publiek opeist, en zomaar voor ons begint te zingen. Ons dansje wordt gewaardeerd en we kunnen een paar leuke foto’s nemen. Op het centrale plein vinden veel activiteiten plaats, waaronder een paardenprocessie ter ere van de Heilige Maagd. Een aantal jongeren heeft aan de overkant van het plein twee grote speakers neergezet waaruit Westerse dancemuziek klinkt. Beetje uit de toon wat ons betreft, maar je bent jong en je wilt wat. In dé koffieregio van Colombia hebben we natuurlijk ook de lekkerste koffie gedronken bij café Jesús Martin. We hebben nog een gezellig etentje met Ynama en Hidde en na drie nachten nemen we helaas afscheid van Salento. Sil’s Timberlands gaan echter niet mee, ze kunnen niet meer. Na vijftien jaar trouwe dienst en een rondje om de wereld zijn ze op. Sil heeft een emotioneel afscheid, maar laat ze met een goed gevoel achter, want er zijn slechtere plekken om aan je einde te komen.

Volgende stop: Manizales.

Saturday, March 3, 2012

Pasto, Popayan, Cali & Lago Calima (Colombia)

Colombia! Enigszins gespannen waren we bezig met de voorbereiding op de reis naar dit prachtige land. Het imago van het land is niet al te best en over de door ons gekozen route was veel onzekerheid. We zijn in Quito zeker drie dagen bezig geweest met het nalopen van onze opties (toch maar vliegen?), lezen van reisgidsen en uiteraard travelblogs.

Goed geïnformeerd begonnen wij derhalve vroeg in de ochtend vanuit Quito aan onze reis. De laatste paar uren in de bus door Ecuador gaven ons in ieder geval voldoende reden om nog een keer terug te komen, de natuur is schitterend. Bij het grensplaatsje Tulcan raakten we in gesprek met een Duitse die alleen maar Spaans met ons wilde praten, omdat haar Engels volgens haar niet goed genoeg was. Beetje irritant, maar ook wel weer een goede oefening en daardoor een snelle lunch (2 dollar voor soep, kip, groenten, aardappelen, een toetje en limonade). Een taxi bracht ons naar de grens waar we na de formaliteiten aan Ecuadoraanse kant naar de Colombiaanse zijn gelopen. Daar kregen we onverwachts binnen no time onze stempels en visa voor 60 dagen. Ook het regelen van het buskaartje naar Pasto, het eerste grote stadje in het zuiden van Colombia, hadden we snel geregeld. En ook nog eens bij de maatschappij van voorkeur, Bolivariano. Deze staat goed bekend onder gringo’s, omdat de grote touringcars nooit stoppen onderweg. In tegenstelling tot de kleinere busjes die de hele tijd nog passagiers meenemen, waardoor er een kleine kans is dat bandieten instappen. In dit gebied vinden namelijk nogal veel overvallen plaats, echter voornamelijk nadat het donker is geworden. Dat was dus een andere belangrijke reistactiek, overdag de bus nemen. Nadat een andere taxi ons naar het Colombiaanse grensplaatsje Ipiales had gebracht, konden we vrij snel de bus instappen die ons veilig naar Pasto bracht. Met een gerust gevoel kwamen we einde middag aan bij ons hostel Koala Inn. Nog steeds in het gezelschap van de Duitse, die wij hadden afgeraden om door te reizen naar Popayan of Cali in verband met de onveiligheid, hebben we de dag afgesloten met een borrel in het niet onaardige centrum van Pasto. De volgende dag nemen we een taxi naar Laguna de la Cocha, enthousiast aangeprezen in de LP, maar na een overheerlijk geroosterd visje houden we het al snel voor gezien en gaan terug naar Pasto om ons op te maken voor het spannendste reisdeel in Colombia, de rit naar Popayan!

Dit deel van de Ruta Panamericana heeft het slechtste trackrecord wat overvallen betreft en reizen overdag is dus een must. We hebben ons goed voorbereid, maar stappen toch een beetje nerveus in de bus de volgende ochtend. De rit is gelukkig prachtig en zonder problemen arriveren we een paar uur later in La Ciudad Blanca. Sil heeft een prachtig authentiek hostel gevonden, dat ‘s nachts helaas in een openbare bar verandert. Maar we zitten centraal en genieten van het mooie stadje. Al snel worden we tijdens het lopen begroet door een Colombiaanse dame met “Bienvenidos a Colombia” en het twijfelachtige beeld dat wij van het land hebben wordt steeds beter. ‘s Avonds vinden we een knus pizzariaatje en begeleid door dikke salsa in onze huisbar kruipen we later onder de wol. De volgende dag sluiten we af met een borrel en de lokale specialiteit empanadas de pipiàn (soort pasteitjes met satésaus) op een helling waarop de hele stad en omgeving goed te zien zijn. Een mooi begin van onze lange tijd in Colombia!

De rit naar Cali de volgende ochtend verliep soepel en we hadden een knus hosteltje in de wijk San Antonio gevonden, het koloniale hart van de stad. Wat meteen opvalt bij het binnenrijden van deze stad is het relatief hoge welvaartsniveau. Cali moet een van de hoogste dichtheden universiteiten per vierkante kilometer hebben en de buitenwijken kun je bij wijze van spreken ook in Nederland treffen. Dit is tekenend voor de grote en groeiende middenklasse in Colombia, het gaat hier beter dan in bijvoorbeeld buurlanden Venezuela en Ecuador.

Aanraders in Cali zijn de dierentuin, waar je onder meer een oude condor kunt zien, de wijk Granada met de betere restaurants en winkels en onze eigen wijk San Antonio. Op de Calle 3, hoek Carrera 9 zit een perfect lunchtentje in een oude garage waar je heerlijk vers kunt eten voor een klein bedrag. We zijn daar een Nederlander tegengekomen die al meerdere jaren in Colombia woont en op dat moment lesgaf aan toekomstige ondernemers aan de Universiteit van Bogota. Leuk en inspirerend om met hem te praten en uiteraard had hij voldoende tips voor ons.

De volgende stop was Lago Calima, het stuwmeer zo’n 90 kilometer boven Cali, waar het hele jaar door goede wind staat. En waar Steph verder kon werken aan zijn kitesurfambities. Elke middag rond 12 uur trekt de thermische wind uit de bergen aan die daarna met 18 tot 25 knopen over het water trekt en voor ideale condities zorgt. Vlakbij het dorpje Darién zagen we de surfschool van Pescao al liggen en zijn we met al onze spullen uitgestapt. Pescao is een lokale oud surfkampioen die door een auto ongeluk aan een rolstoel is gekluisterd en een succesvolle surfschool is gestart. Na een korte introductie kon Steph meteen aan de slag met zijn nieuwe leraar Andrès, naar eigen zeggen de nummer drie kitesurfer van Colombia. De lessen waren een beleving door specifieke omstandigheden en de prachtige omgeving. Zo is het door het ontbreken van strand een behoorlijke uitdaging om het water op te komen met je vlieger al in de lucht. Voor beginners gebruiken ze dan ook meestal een Zodiac om de eerste meters op het water door te komen. Door de perfecte condities blijft een aantal backpackers/kitesurfers voor langere tijd hangen en we hebben een paar leuke gesprekken gevoerd met een Duits stelletje en een Engelse jongen die hier al maanden zaten. Het hostel dat we via Pescao vonden bleek prima, net buiten het centrum van het kleine dorpje. We raden dan ook iedereen die van surfen houdt en naar Colombia gaat aan om naar deze prachtige plek te gaan.

Volgende stop: Zona Cafetera (de koffie driehoek)!

Monday, January 23, 2012

Tumbas Reales, Mancora (Peru) & Quito (Ecuador)

Op zondag 12 juni vertrekken we in de avond vanuit Huaraz richting het noorden van Peru. Na onze avonturen op high-altitude in de Andes zijn we wel weer toe aan de zee, maar niet voordat we het mooiste museum van Zuid-Amerika hebben gezien. Via Trujillo brengt Rocky, onze buschauffeur, ons naar Chiclayo waar we de volgende dag al snel een goed hotel vinden. De kamer is klein en zonder daglicht, maar met tv, wat ons twee nachten in een saai stadje goed uitkomt.

De volgende dag zijn we met een lokaal busje (“un micro”) naar Lambayeque gereden waar het museum zich bevindt. Die busjes zijn al een attractie op zich, omdat het altijd druk is (ze rijden niet weg voordat ze vol zijn), er altijd muziek aanstaat, ze overal en voor iedereen stoppen en mensen vaak in zijn voor een praatje met “extranjeros” die een beetje Spaans spreken. Het museum ligt middenin een woonwijk en steekt behoorlijk af tegen de omgeving, omdat het een stuk moderner is. Pas in 1987 zijn de graftombes van Señor de Sipán ontdekt en in 2002 is het Museo Tumbas Reales de Sipan geopend. De ontdekking van deze uitbundige cultuur die eerder bestond dan de Inca’s is belangrijk voor de Peruanen geweest en laat een grote mate van ontwikkeling zien gepaard met rituelen, symbolen en veel bling-bling. Nadat Sil een mooi aandenken had gevonden zijn we gaan eten in misschien wel het beste visrestaurant van Peru en ‘s avonds vroeg onder de wol gekropen om fit aan de reis naar onze laatste Peru bestemming te beginnen.

Mancora, surfers’ paradise! En dit dorpje voldeed volledig aan de verwachtingen. Ons hostel Kon Tiki Bungalows, staat om te beginnen al met stip in onze overall hostel top-5! Juerg, de Zwitserse eigenaar, haalt ons met zijn lelijke eend op van het busstation, zodat we niet met onze tassen naar boven hoefden te lopen. De locatie van het hostel is dan ook briljant en je kunt de hele omgeving inclusief zonsop- en ondergang bekijken. Dan de kamer, dit was een vrijstaand bungalowtje met schuifdeuren naar de hangmat en het uitzicht. Daar worden we meestal opgewacht door onze huispoes, een zwerfkatje, die we Myriam hebben gedoopt, naar onze geliefde Spaanse lerares uit Buenos Aires. De eerste avond vinden we in de hoofdstraat meteen een restaurantje naar onze smaak. Van de bbq-vis met advocado-salade en patat hebben we meerdere malen genoten.
Op de “Gringo-trail” kom je vaak dezelfde mensen tegen en het was leuk dat onze vrienden Nils, Ben en Jill er ook zijn. Naast een aantal sunset-borrels zijn we een avond op pad gegaan met z’n vijven. Nadat we de beruchte Loki-vestiging niet binnenkwamen zijn we naar een alternatief kroegje gerund door Fransen gegaan. Het was nog vrij rustig toen we binnenkwamen, op wat in hun vrije tijd jonglerende en schilderende Fransen en Argentijnen na. De muziek was ok, modern en steeds dansbaarder. Toch hielden Sil en ik het niet langer uit dan tot een uurtje of elf en lieten Nils, Ben en Jill achter. Toen we ze de volgende dag weer tegenkwamen had Nils een blauw oog en een petje op. Eerst het oog. We hebben al verteld dat drank bij Nils weleens verkeerd kan aankomen en hem van een beleefde Engelse jongen doet veranderen in een onberekenbare hooligan. Het bleek dat hij de nacht ervoor weer goed in het glas gekeken had en op het uiteindelijk zeer druk geworden feestje ruzie met de Fransen kreeg. Op zich niks nieuws. Daarna wilde hij echter naar z’n hostel en zocht een taxi, omdat het toch niet helemaal veilig was op dat uur. Hij kon niets vinden of niemand nam hem mee, dus toen is hij maar gaan lopen. In het straatje naar z’n hostel stond een groepje jonge Peruanen, waarbij een lamme toerist als een rode lap op een stier werkt. Binnen de kortste keren kreeg hij het aan de stok en zat er een vuistafdruk op z’n oog. Voordat het echt uit de hand liep kon hij gelukkig wegkomen. Dan het petje. Nils wilde eigenlijk wel kort haar en had door ons de tondeuse leren waarderen. Zijn hoofd was inmiddels aan de volgende scheerbeurt toe en daarom had ik hem de dag daarvoor mijn tondeuse geleend. Ondanks zijn brakke hoofd en dankzij de hulp van Ben en Jill ging het scheren in eerste instantie prima. Toen hij echter na zijn bakkebaarden zijn hoofd nog even wilde doen, was hij vergeten dat het beschermstuk er niet meer opzat, waardoor er een omgekeerde Mohawk op zijn hoofd zat.

De dagen daarna is Steph zich gaan richten op zijn nieuwe hobby kitesurfen. Om wat ervaring met de wind te krijgen werd de eerste dag alleen met een kleine kite gewerkt. Beetje spelen om nog hongeriger te worden naar het echte werk. En daar moet je soms een beetje geduldig voor zijn, omdat de wind er niet altijd is als jij dat wilt. Elke ochtend rustig wachten totdat de witte schuimkopjes verder op zee te zien zijn, vanuit ons appartementje uitstekend te zien. En dan meestal rond een uurtje of een vertrekken. De tweede dag leerde ik Skip kennen, de uitgesproken Australische eigenaar van de surfschool. Mooie kerel die geen blad voor de mond neemt, waardoor hij soms op didactisch gebied wat steken laat vallen: Son of a bitch, why did you do that!? Zonder aan te geven hoe het op dat moment wel moet. Om op elke gewenste plek te kunnen komen , elke kitekans te kunnen pakken en om afgedreven kiters te kunnen terughalen, heeft Skip een buggy. Als de wind goed was gingen we om de drukte te vermijden naar het nabij gelegen strand Los Organos. En aangezien Steph er het meest betrouwbaar uitzag kon hij als bestuurder van de buggy een beetje indruk maken op Sil, die meeging die dag. Ondanks de goede wind en “stimulerende” opmerkingen van Skip ging het nog niet helemaal naar wens, maar het kitevirus zal niet meer verdwijnen.

Ook aan onze andere hobby, yoga, zijn we ruimschoots toegekomen. Samana Chakra is een yogaresort, waar bijna elke dag een ochtend- en middagles worden gegeven. Het ligt aan een rustig deel van het strand en ziet er met de infinity pool erg luxe uit. In de eerste ochtendles ging Steph voor het eerst met een stoel aan de slag. Was even wennen. Maar de dag beginnen met yoga blijft perfect. Een dag later zijn we echter naar de middagles gegaan en die beviel ook heel goed. Aan het einde van de sessie, op het moment dat de zon in zee zakte en wij dat vanuit de zaal door het grote raam uitstekend konden zien, sloten we af met een aantal zonnegroeten. Heel indrukwekkend. En daarna rustig teruglopen naar het appartement over het strand maakte het af.

Vlak voordat wij zouden vertrekken arriveerde onze goede Australische vriendin Caroline in Mancora. Zij had na een periode veel stappen ook wel zin in wat yoga, dus we hebben met z’n drieën een middagsessie gedaan. Jamie, de Australische masseur, was voor langere tijd in Mancora om vrijwilligerswerk te doen. Met z’n vieren hebben wij onze laatste avond een hapje in een Aziatisch restaurant gedaan. En dat was perfect, het was jammer dat we hier niet eerder waren gaan eten. Sowieso was Mancora perfect, we zouden in eerste instantie een dag of vier blijven en het zijn er uiteindelijk elf geworden.

De volgende dag naar Quito, Ecuador, weer een grens over. Het ticket had wat voeten in de aarde, na even zoeken vonden we het verkoopkantoor aan huis waar “the only gay in town” op een willekeurig papiertje onze tickets schreef. Aan de overkant van de straat zat overigens een klein huiskamerrestaurantje waar we voor een paar dollars een perfecte driegangenmaaltijd hebben gegeten: Groentensoep, kip met aardappelen en een toetje. Tijdens het wachten op de bus ontmoetten we een andere Nederlander die in Mancora was overvallen. Ondanks de relatieve veiligheid in dorpjes ten opzichte van steden blijft het meestal onverstandig om in het donker een onverlichte straat in te lopen. Hij is er, ondanks met een mes bedreigd te zijn en wat spullen kwijt te zijn, met de schrik vanaf gekomen. Eenmaal in de bus was het de vraag of we tot en met Quito konden blijven zitten, of dat we bij de grens moesten overstappen. Onze homo had het blijkbaar toch goed geregeld, want bij de grens kregen wij persoonlijke begeleiding van de busmaatschappij die ons met een taxi netjes en veilig bij de juiste busmaatschapij afzette waar we nog even op de bus naar Quito moesten wachten. De andere Nederlander die naar Guayaquil ging leek het minder goed voor elkaar te hebben. Zij moesten het bij de grens zelf uitzoeken en daar heeft een gringo meestal wat omkoopgeld voor nodig. Dat had hij niet, dus hebben we hem op goed vertrouwen twintig dollar geleend, wat hij niet heel veel later netjes terug heeft gestort. Je bent er om mekaar te helpen nietwaar?

Na wederom een nachtrit kwamen we de volgende ochtend aan in Quito, de hoofdstad van Ecuador. Voor Sil heel bijzonder, omdat haar solotrip drie jaar geleden in deze stad begon. We hadden een hostel gevonden in de wijk La Mariscal aka Gringolandia, het gedeelte waar de meeste backpackers zitten. Toen wij aankwamen was het erg rustig en konden wij zonder problemen naar ons hostel komen, maar schijn bedriegt. Deze wijk staat slecht bekend en ‘s avonds moet je zelfs voor de kleinste stukjes een taxi nemen, want overvallen gebeuren hier bij de vleet. Een straat achter ons hostel staat de school waar Sil drie jaar geleden haar Spaanse lessen had en waar ze veel vrienden heeft leren kennen. Steph overwoog nog even om de dichtbij gelegen vulkaan Cotopaxi op te fietsen. Helaas waren de kosten echter hoog en het fietsen beperkt, dus daar zag hij vanaf. We hebben nog een middag door het Unesco centrum van de stad gelopen, erg mooi, en toen vonden we het eigenlijk wel genoeg in Quito. Ons budget was niet toereikend om de mooie natuur van Ecuador en de Galapagos te zien en we hadden erg veel zin in het volgende avontuur, Colombia!

Wednesday, January 18, 2012

Lima en Huaraz

Onze busreis naar Lima voert ons onder meer langs Nazca. Hier zijn de beroemde Nazca lines te zien, grote figuren verspreid over 500 km2 die alleen vanuit de lucht goed zijn te zien. De aantrekkingskracht wordt vergroot doordat nog steeds onduidelijk is wie deze figuren gemaakt heeft en waarom. De vliegtocht gaat boven ons budget, dus wij besluiten door te reizen naar de hoofdstad.

‘s Middags komen wij aan bij ons hostel The Family Backpackers in Miraflores. Het hostel heeft dezelfde eigenaren als het door ons gewaardeerde Pisco & Soul in Cuzco, maar helaas vallen de sfeer en ons kamertje waarvan het raam grenst aan de interne trap een beetje tegen. Dat mag de pret niet drukken, want we zijn hier tenslotte voornamelijk voor de Champions League finale Barcelona – Manchester United. Steph gaat zorgvuldig te werk bij het uitzoeken van de locatie waar gekeken zal worden en de keus valt op de Irish Pub in Pizza Street, de omgeving waar de meeste backpackers verblijven. Onverwacht schuiven onze vrienden Nils en Ryan ook aan, want hun verblijf in Pisco viel nogal tegen. Daarom namen zij zaterdagochtend een taxi om na een rit van vier uur op tijd voor de finale te zijn.

De wedstrijd begint om 13.00u lokale tijd en het stroomt al snel vol, dus het is goed dat we een tafeltje voor het grote scherm hebben gereserveerd. De Barcelona fans zijn in de meerderheid, waar Nils nogal moeite mee heeft. Om een bodem voor het bier te leggen bestelt hij fish and chips, want het drinktempo ligt hoog. De grote pints doen hun werk en binnen de korste keren zijn Nils en Steph dronken, de sfeer is top! Daardoor heeft Nils na afloop gelukkig weinig moeite met de uitslag. Tijdens de wedstrijd raken we in gesprek met onze Engelse buurvrouw Sarah en haar aanstaande Peruaanse man. Zij blijkt een ware Jekyll and Hyde die eigenlijk wel in is voor een feestje. Het eindigt met een hapje eten in Larcomar, een super de luxe mall die gebouwd is op een klif, waar de authentieke Zuid-Amerikaanse sferen ver te zoeken zijn. Niks aan dus.

De volgende dag zwerven we een beetje door de straten van Miraflores, een van de betere wijken van Lima. Door de auto’s en huizen voelt het Amerikaans aan en de toegangspoorten en beveiligingscamera’s bevestigen dat er veel geld zit. De extremen in Lima zijn groot en dat geldt zowel voor de kloof tussen arm en rijk als tussen mooi en lelijk (de stad welteverstaan). Sil houdt er niet van, Steph kan er wel aan wennen. Lima en Peru staan bekend om de goede keuken. In de rest van Zuid-Amerika is eten voornamelijk praktisch, een energiebron, hier is de keuken verfijnder. Het gaat om smaken en genieten, zelfs in de kleinste restaurantjes. We trakteren onszelf op een overheerlijke lunch in visrestaurant Red in Miraflores. Eindelijk weer een goed glas wijn, heerlijk eten en een goede service. Het is zondagmiddag en de tent zit stampensvol met lokale families en wij genieten met volle teugen.

De laatste dag in Lima staat in het teken van schoenen kopen voor Steph. Al sinds Chile zitten de gaten in zijn Puma’s, het lijken net sandalen. En maat 46 is niet te vinden, alle verkopers die we er tot dusver om gevraagd hebben moeten allemaal hartelijk lachen. Aangezien er veel expats in Lima zitten hopen we hier te slagen. We worden naar Pollo Azules gestuurd, een groot warenhuis in een slechtere buurt van de stad waar alle (nep)merken te krijgen zijn. Eindelijk lukt het om maat 12 te vinden en dolblij met zijn nieuwe Reefs neemt Steph middels een paar foto’s afscheid van zijn afgetrapte gympies voordat hij ze bij het vuil zet. Die avond vertrekken we richting Huaraz. We zitten middenin de verkiezingen en op het busstation zien we het laatste verkiezingsdebat tussen de overgebleven kandidaten ex-militair Ollanta en Fujimori, de dochter van de oud-president en dictator die momenteel vervolgd wordt voor corruptie en schending van de mensenrechten. Welcome to South America! Leuk om te zien dat echt iedereen in het busstation geboeid naar het debat zit te kijken. Ze houden van hun TV, we weten het, maar toch.

Huaraz, hoofdstad van het trekkingmekka van Peru en Zuid-Amerika en na de Himalaya’s het hoogste berggebied ter wereld met 22 bergtoppen boven de 6.000 meter! Het gebied wordt gemaakt door de Cordilleras Blanca en Huayhuash en in het laatste staat de berg Siula Grande waarop Joe Simpson zijn avontuur beleefde waarover hij schreef in het beroemde boek “Touching the Void”. Wij verblijven in hostel Churup dat doet denken aan een Alpen chalet en we voelen ons er erg thuis. De kamers zijn ruim en comfortabel en de eetkamer en keuken op de bovenste verdieping hebben prachtig uitzicht op de Cordillera Blanca met elke avond een kleurrijke zonsondergang.

Op advies van Geert, met wie we de homestays op weg naar Machu Picchu hebben gedaan, komen we in contact met Guido. Hij is zeven jaar geleden vanuit een stage begonnen met een sustainable reisbureau in Huaraz, Respons, om de arme lokale boeren een economische impuls te geven. Guido is begin 30 en zit vol energie en praat met veel passie over alle mogelijke trips die zijn organisatie biedt, fantastisch om te zien! Ons spreekt met name de mogelijkheid aan om een traditioneel bergdorpje te bezoeken waar, doordat het zo afgelegen ligt, de tijd lijkt stil te staan en de mensen nog steeds op een traditionele wijze en zeer verbonden met de natuur leven. We besluiten om twee nachten te blijven, zodat we een bijzondere bergwandeling kunnen lopen en de volgende dag de traditionele Pachamanca kunnen meemaken. We krijgen een uitleg over het programma en hoe we ons daarop kunnen voorbereiden, want het is back to basic. Achteraf bleek deze niet helemaal volledig, waardoor het ons op momenten tegenviel, maar gelukkig zijn we wel wat gewend.

De volgende ochtend worden we opgehaald door Pablo die onze gids zal zijn de komende twee dagen. Hij komt uit het dorp en is binnen het Respons project bij toerbeurt aangewezen. We gaan met het openbaar vervoer naar Vicos en moeten het laatste stuk, zo’n half uur, lopen. Helaas is het dorpsmuseum gesloten en lukt het Pablo, na lang aandringen door ons, niet om de sleutel te vinden. De omgeving is prachtig met groen, zon en besneeuwde bergtoppen wat de klim omhoog een stuk makkelijker maakt. Wij verblijven in het hoogste huisje van het dorp bij de familie van Andrès en zitten dan al op zo’n 3.500m hoogte. De eerste dag worden de dagelijkse klusjes gedaan en het brood gebakken. Wij hebben voornamelijk contact met de kinderen die een beetje Spaans en zelfs wat Engels spreken, ontzettend leuk. De ouderen spreken voornamelijk Quechua en waren iets minder toegankelijk. Na de avondmaaltijd zitten we al vroeg voor de openhaard, letterlijk het enige comfort in het huisje waar we inzitten. En hoognodig, want het koelt ‘s avonds behoorlijk af zo hoog in de bergen. Om acht uur liggen we in onze mandjes en vallen snel in slaap onder de paardendekens die zo zwaar zijn dat je niet meer kunt bewegen. De volgende ochtend staan we al om half zes op, omdat er een lange wandeling op het programma staat. Na een koolhydraatrijk ontbijt van voornamelijk gefrituurde aardappelen vertrekken we met Pablo op weg naar een hooggelegen bergmeer. Zoals het een echte Andesman betaamt kauwt hij de hele weg op een grote cocabol, om honger, dorst en hoogteziekte te voorkomen en het geeft ook nog wat energie. Steph houdt dit niet lang vol en krijgt gewone westerse honger en dorst. Na ruim vijf uur lopen zijn we nog steeds niet bij ons doel, maar wij verzoeken Pablo dringend om even te stoppen om bij te tanken. Met, uiteraard, aardappelen en een beetje rijst. Dit viel ons wat tegen, want en is een zware lichamelijke inspanning waar geen cocablad tegenop kan. Gelukkig zijn we een uurtje later op het hoogste punt en staren op een prachtig bergmeer en een paar besneeuwde bergtoppen en gletsjers. Wij zitten dan op 5.100 meter, de toppen liggen op zo’n 6.000 meter! Vol goede moed beginnen we aan de terugweg die helaas exact dezelfde is als de heenweg. Naar beneden gaat natuurlijk sneller dan omhoog, maar na een uurtje of negen gelopen te hebben beginnen de tenen van Sil te protesteren. Ze heeft afleiding nodig en vraagt Steph om maar een beetje tegen haar aan te gaan praten. Misschien is het de ijle lucht, maar hij kan niet veel meer uitkramen dan “we zijn er bijna”. Na de twintigste keer is dit gelukkig ook echt het geval en vermoeid, maar toch ook wel voldaan en stiekem een beetje trots gaan we die avond vroeg onder de paardendekens. De Pachamanca is een bijzondere ervaring de volgende dag, een eerbetoon aan Moeder Aarde die goed voor haar bewoners zorgt. Het eten wordt onder de grond door middel van kolen verwarmd en smaakt ons heerlijk. Voor de gelegenheid is zelfs duur vlees aangeschaft. De lunch wordt begeleid door lokale musici en iedereen heeft zich feestelijk aangekleed. We eindigen met wat dansjes en foto’s en zijn blij dat we van dichtbij hebben kunnen meemaken hoe de traditionele bevolking leeft en ondanks weinig welvaart toch een rijk leven heeft. Na de terugreis met de microbus gaan we weer naar ons favoriete hostel Churup om ons klaar te maken voor twee relaxdagen bij The Lazy Dog en daar raken we in gesprek met de dochter van de Peruaanse eigenaar Anna-Maria die getrouwd blijkt met Luc, een Nederlander, en in Tilburg woont. Ze is hoogzwanger en haar man is onderweg naar Huaraz om de bevalling mee te kunnen maken.

Wij vertrekken daarna met de taxi naar ecolodge The Lazy Dog en dat blijkt een briljant intermezzo te worden. Het ligt een uurtje rijden van Huaraz, verstopt tussen de bergen en is perfect. Als we aankomen brandt de openhaard al in onze luxe bungalow en kunnen we daar met z'n tweeën van het vers bereide diner met een fles rode wijn rustig genieten. Alle luxe die Vicos niet heeft, is hier wel aanwezig, dus Sil staat zomaar een uur warm te douchen. De volgende dag doen we helemaal niets, behalve lezen, genieten van de omgeving in de luie stoelen voor ons huisje en de sauna. We raken in gesprek met de eigenaresse en die vertelt ons dat ze wegens privé omstandigheden op zoek is naar een stel dat de boel wil runnen voor een half jaar. Daar hebben wij wel oren naar en geeft ons stof tot nadenken. Het is echter dermate afgelegen dat voornamelijk Steph er geen goed gevoel bij heeft. We zullen zien of dit gevoel standhoudt bij hem. Iedereen die echter in de buurt van Huaraz komt, raden wij ten zeerste aan dit stukje hemel op aarde te bezoeken. Na twee nachten kwamen wij helemaal relaxed weer terug in Churup.

Wij hadden inmiddels al de volgende tour geboekt, de vijfdaagse trekking door Cordillera Huayhuash, het hoogtepunt. De organisator heeft een mooie groep bij elkaar weten te krijgen en ook onze grote vriend Nils is weer van de partij. Hij is uit de handen van de Peruaanse justitie weten te blijven en heeft veel zin in wat meer rust en gezonder leven. Onze andere reisgenoten zijn Ben en Jill uit Manchester en Phoebe en Sherree uit Nieuw-Zeeland. Het blijkt een goede mix aan mensen te zijn en we hebben erg veel lol. De organisatie is sowieso picobello, aan alles is gedacht. Onze grote rugzakken worden samen met de tenten en het eten door pakezels gedragen en we krijgen elke dag drie heerlijke maaltijden voorgeschoteld. Als we 's avonds na de hele dag gelopen te hebben in de kampen aankomen, zijn onze tentjes al opgezet en krijgen we een snack, bijvoorbeeld popcorn, om de eerste honger te verdrijven. We zijn in vijf dagen over drie bergpassen boven de 4.800 meter gelopen en de uitzichten zijn betoverend. Het is alsof je door een schilderij loopt en de natuur geeft je een groots gevoel. Om even te ontspannen kunnen de mannen op forel vissen en de vangst ligt ‘s avonds op onze borden. Helaas hebben we ook wat irritaties, oude valkuilen van Steph, maar die kunnen we gelukkig oplossen. We sluiten dit avontuur na terugkomst in Huaraz af met perfecte pisco sours bij het reisbureau, ze weten in Zuid-Amerika echt wel hoe after sales werkt, en een dineetje bij een Thais restaurant. Onze Peruaans-Nederlandse vrienden blijken inmiddels te zijn bevallen van een zoon en we worden aangenaam verrast door beschuit met muisjes, en nog wat drop. We hebben nog een onverwacht gezellig diner met Guido van Respons en zijn vriendin Agnes en dan zijn we klaar om onze reis voort te zetten, verder richting het noorden van Peru, op naar de zee!

Sunday, October 16, 2011

Arequipa & Huacachina (Peru)

Na een ontspannen rit vanuit Cuzco met full-cama (busstoel die een bed zo dicht mogelijk benadert) en sterrenhemel aan boord kwamen we vroeg in de ochtend samen met Kirstie en Angelo aan in Arequipa. Nils, die voor een andere bus had gekozen, voegde zich ook bij de groep en gezamenlijk checkten wij in bij Arequipay Backpackers, een luxe villa buiten het centrum die goed in de faciliteiten zat. Zo kon je onder meer gebruik maken van het zwembad in de ruime tuin met aangename temperaturen, iets waar we na de hoogte en kou veel behoefte aan hadden. Nils dook na de lange busrit gelijk z´n mandje in en aangezien onze kamers nog niet klaar waren zijn we met z´n vieren een filmpje gaan kijken in de comfortabele tv-kamer. We zijn uiteindelijk drie nachten gebleven, maar waren toch niet echt tevreden over het hostel, voornamelijk door de locatie. Arequipa, la Ciudad Blanca, heeft een mooi koloniaal centrum dus daar wilden wij eigenlijk zitten. De tijd die we in Arequipay zaten hebben we verder prima besteed: Relaxen in de tuin, fanatiek aan de blog gewerkt en onszelf daarna beloond met Japans eten, zelf koken en natuurlijk een hostel zoeken. Al vrij snel vonden we het Flying Dog hostel in het centrum, waar we de vierde dag incheckten.

Nils bleek op geheel eigen wijze gebruik te hebben gemaakt van de faciliteiten. Hij was bevriend geraakt met de Canadees Ryan en zij besloten op een ochtend om die dag een BBQ te organiseren. Nadat het vlees gehaald was duurde het nogal lang voordat de kolen gloeiden en om de tijd de doden zijn ze vroeg begonnen met drinken. De groep waarmee ze de volgende dag een tour zouden gaan doen bleek dodelijk saai te zijn en dat is koren op de molen van Nils die dan baldadig wordt. Dit ontaardde uiteindelijk in het gooien van al het tuinmeubilair in het zwembad, waarna Nils en Ryan nog even de stad ingingen. Toen ze terugkwamen had de hosteleigenaar al hun spullen inmiddels op een aparte kamer gelegd en hun paspoorten meegenomen. Tijdens het gesprek dat daarop volgde begonnen ze bijna een vechtpartij en Nils heeft het uiteindelijk met 200usd moeten afkopen en de belofte om nooit meer een voet in dit hostel te zetten.

In Bariloche hadden wij tijdens een van onze wandelingen de Peruaan Sergei leren kennen en die komt uit Arequipa. Het is een mooie, enthousiaste kerel die het erg leuk vond om een hapje met ons te gaan eten en onze eerste avond in de stad zaten we met z´n drieen in een typisch Peruaans restaurant aan de lomo saltado, vlees, uien, tomaten, koriander en friet, erg lekker! Zijn vriendinnetje schoof later ook nog even aan en hij vertelde ons mooie verhalen over zijn ambitie om een eigen mijn te bezitten samen met zijn oom. Een in potentie lucratieve bezigheid in een van de grotere bedrijfstakken in Peru en Zuid-Amerika. We blijven contact houden voor eventueel interessante investeermogelijkheden :)

Samen met Kirstie en Angelo zijn we de volgende dag naar het Museo Santury of Museo Universidad Catolica de Santa Maria geweest om de mummie Juanita, het ijsmeisje dat zo´n vijf eeuwen geleden door Inca´s hoog in de bergen is geofferd aan de goden, te bezoeken. In 1995 is zij pas ontdekt en door het ijs ontzettend goed bewaard gebleven. De tour eindigde bij haar vrieskist waar we behoorlijk onder de indruk naar een klein meisje stonden te staren dat op een bizarre manier aan haar einde was gekomen.

Hoofdreden om naar Arequipa te komen was echter de Colca Canyon. Deze fantastische plek op zo´n twee uur rijden van de stad wordt met 3.500m gepromoot als de diepste canyon ter wereld, dieper dan de Grand Canyon. Sil had helaas weer erg veel last van haar buik en had drie jaar eerder 2 dagen door de Canyon gelopen, dus Steph vertrok die ochtend om 4 uur ´s ochtends alleen naar de canyon. Onderweg stoppen we bij kleine dorpjes met de oorspronkelijke bewoners van Peru die voor ons dansen en hun ´huisdieren´, grote roofvogels, hebben meegenomen, om mee op de foto te gaan. De canyon begint zich inmiddels steeds beter te manifesteren en uiteindelijk komen we op de plek aan waar deze het diepst is. Pretty impressive. Daarna was het wachten op de natuurlijke bewoners van dit soort plekken, de condors. Na even wachten werd de eerste gespot op een rotsrand een paar honderd meter verderop en alleen te zien met de toneelkijker van een andere sympathieke toerist. Toen we op het punt stonden om weer weg te rijden steeg er ineens rumour op uit de grote groep mensen en daar kwamen ze op de thermiek aangevlogen. Het zijn hele grote vogels met een spanwijdte die kan oplopen tot 3,5m! Het waren er vijf, twee volwassenen (zwart met wit) en drie pubers (bruin). Ze werden op een gegeven moment nieuwsgierig en zweefden vlak boven onze hoofden, waarna er een op een richel vlakbij het uitkijkpunt ging zitten. Volgens de tourguide hadden wij ontzettend veel geluk die dag en terugkijkend naar de foto´s kan ik dat alleen maar beamen. Sil bleek die dag gelukkig nog wat leuks gedaan te hebben en is met Kirstie en Angelo geheel volgens hun én Britse traditie 'tea and cake' gaan doen. Zij werden daar altijd erg gelukkig van en Sil voelde zich daarna dan ook een stuk beter.

De volgende dag vertrokken we pas in de avond richting onze volgende bestemming, dus hadden we mooi nog even tijd om wat foto´s van de stad te nemen. De vulkaan El Misti torent hoog boven de skyline uit en vanuit het dakrestaurant waar we die middag lunchten hadden we uitstekend uitzicht op de omgeving én stad. We hadden de avond ervoor inmiddels afscheid genomen van Kirstie en Angelo die de kou zat waren en in één keer doorgingen naar Lima.

Huacachina was het volgende doel en ook hier gingen we met de nachtbus naartoe. Onderweg zijn we onder meer door Nazca gereden waar tijdens de Inca-periode grote lijnen in de grond zijn gemaakt die afbeeldingen vormen die vanuit de lucht goed te zien zijn. Op de plaatjes ziet het er bijna buitenaards uit, het was echter vrij duur om zelf vanuit de lucht te ervaren. Het is hier ook nog wel even aardig om wat over de films die ze in bussen draaien te zeggen. Deze keer kregen we een film te zien die begon met iemand die levend is begraven en daar in een scene van een kwartier in paniek achter komt. In een andere bus werd ooit een film over een busongeluk vertoond en zo kunnen we nog wel even doorgaan. Je kunt concluderen dat er niet altijd even goed wordt nagedacht over het publiek en de setting waarin de film wordt bekeken :) De termperatuur in Huacachina was alweer een stuk aangenamer en daar hadden we ons hostel met zwembad ook op uitgekozen. Het dorpje ligt rondom een oase middenin een woestijn. Tijdens onze eerste verkennende rondje praatten we wat over Nils en zijn avonturen in Arequipa en die liepen we prompt tegen het lijf. Hij was nog steeds in het gezelschap van Ryan en het bleek, verrassing, dat ze op weg waren naar de politie. Die nacht hadden ze namelijk een local ontmoet, erg veel gedronken en samen op zijn bongo muziek gemaakt. Ze zijn toen in een bootje het meertje opgegaan, waarbij de bongo in het water viel. Hier werd de local niet vrolijk van en uiteindelijk eindigden ze alle drie in het water en is de bongo niet meer terug gevonden. Het is uiteindelijk met een sisser bij de politie afgelopen en de jongens hadden er een favoriet instrument bij. Omdat we in hetzelfde hostel zaten hebben we daarna veel tijd met z'n vieren doorgebracht, aan de rand van het zwembad. Eén middag zijn we met een opgevoerde zandbuggy de duinen ingereden, waarbij de chauffeur op de steile zandwanden wat spannende capriolen uithaalde. Het sandboarden was ook een ervaring op zich, zonder ervaring ging bijna iedereen staand of liggend met grote vaart 'zwarte' hellingen af. Sil had dit drie jaar geleden ook al gedaan en ging mee voor de briljant mooie uitzichten en kon een paar goeie foto´s van onze afdalingen maken. Met het zand in onze oren zijn we uiteindelijk teruggecrossed. De volgende ochtend vervolgden wij onze reis naar de hoofdstad van Peru. Klaar voor de Champions League finale Barcelona -Manchester United!

Saturday, September 3, 2011

Peru - Cuzco & Machu Picchu

We vertrekken met een ´directe´ bus vanuit Copacabana Bolivia naar Cuzco. Bolivia staat nou niet bekend om haar geweldige bussen, maar wij zijn zeer verrast met de luxe touringcar die op ons staat te wachten. Ook Angelo en Kirstie zijn blij, zij gaan er echter in Puno af om daar nog naar de drijvende eilanden te gaan. In Puno wisselen wij echter van bus, helaas, want er komt een echte kippenbus aan, waar we nog 9 uur in zitten. Dat is altijd het risico van het kopen van een directe bus over de grens, je weet nooit wanneer de beruchte buswissel plaats gaat vinden en wat je er voor terug krijgt. Een kippenbus dus, inclusief een dronken stel dat hardop ruzie maakt. Achteraf mogen we zeker niet zeuren, want enkele dagen erna beginnen de grensconflicten tussen Bolivia en Peru vanwege de mijnrechten en salarissen, deze houden weken aan en de grenzen gaan dicht, zodat vele reizigers moeten vliegen of vanuit Chile de grens met Peru moeten overgaan. Daarnaast ontmoeten we een Duits stel van in de 60 jaar, die ook een jaar op reis zijn en raken we geinspireerd door hun reismethode; huisruil. Ook vroeger voor de vakanties met het gezin gingen ze op zoek naar een gezin van ongeveer dezelfde grootte en leeftijd in een ander land om daarmee van huis te ruilen. Het is gratis en je hebt gelijk al het speelgoed, fietsen en ruimte ter beschikking. Geniaal! En of all places waren ze ook een zomer in Warmenhuizen beland, het kleine dorp in de Noordhollandse polder waar Sil is opgegroeid, ongelooflijk!

We hebben een hostel in San Blas in Cuzco, een wijk vol prachtige koloniale huizen, echter zonder verwarmingssyteem. IJskoud is het en Steph past niet helemaal in het bed, dus vragen we om een andere kamer en of we een elekrisch kacheltje kunnen huren (wat in de meeste hotels/hostels kan), maar omdat ze net open zijn, hebben ze dit nog niet helemaal geregeld. Echter, bij terugkomst die middag, vertelde Pablo de lieve gay eigenaar dat er een verrassing op ons wacht in de kamer...een elektrisch kacheltje. Wat een service! Nog nooit waren wij zo blij geweest met een kacheltje en hadden inmiddels een andere kamer met groot bed, dus sliepen heerlijk.

Cuzco is het vertrekpunt voor vele reizigers die naar Machu Picchu gaan, één van de 7 wereldwonderen, en daardoor wereldberoemd. Het is weer voor het eerst dat we een brede groep reizigers tegenkomen, naast backpackers ook weer de vakantiegangers, Amerikanen, groepen Aziaten en pensionados. En iedereen is daar om Machu Picchu te bezoeken, inmiddels hebben we een Braziliaanse jongen ontmoet die 3 weken in Cuzco heeft gezeten en niet naar MP is geweest, raar maar waar :) Maar goed, door alle vraag is er ook veel aanbod ontstaan. Bij iedere stap die je zet vind je een reisbureautje dat MP-tours aanbied. De originele Inca Trail ligt buiten ons budget, dus blijven er eigenlijk nog maar 2 opties open, de Jungle Trek, met mountainbiken, raften en lopen en de Salkantay trek, eigenlijk een bergtrekking. We spenderen een halve dag met info verzamelen en zijn verrast over hoe goedkoop de tours zijn, voor 4 dagen inclusief alles en entreekaartje (50 dollar), betaal je rond de 200 dollar. Toch hebben we bij geen van allen een heel goed gevoel en willen ook nog graag Geert ontmoeten. De aanbeveling die Steph had gekregen van de twee Belgische meiden op Isla del Sol. We mailen Geert, hij belt gelijk terug en de volgende dag zitten we in een Hollands eettentje in Cuzco aan de hutspot en broodje bal. Op weg naar de afspraak met Geert komen we Angelo en Kirstie tegen, ze zijn ook benieuwd dus sluiten aan en bestellen patatje oorlog en bitterballen :) Geert is een 45 jarige Brabo die al 7 jaar in Ecuador heeft gewerkt en nu in Peru is begonnen met het ontwikkelen van sustainable travel voor de nationale koffiecooperatie Cocla, zodat de koffieboeren een secundaire inkomensbron/beter leven krijgen. Het is kleinschalig en gebaseerd op verblijf bij de families die in de Sacred Valley rondom MP wonen. Het klinkt echt anders, want de groepen met de tours zijn rond de 15 personen en nu zouden we alles met zn vieren doen. Toch wil Steph nog even nadenken, want de Jungle trek met het mountainbiken en raften lijkt hem ook wel gaaf. Toch kiezen we voor Geert, want het mountainbiken had hij net gedaan op de gaafste plek van Zuid-Amerika en raften kan op andere plekken beter, en de ervaring om bij families te verblijven en meer te leren over koffie spreekt ons meer aan. Nils is inmiddels ook in Cuzco aangekomen en wil ook graag mee. De volgende avond zitten wij in een restaurantje met Geert te pennen voor ons leven, want het is geen geheel verzorgde tour, alleen de families zijn geregeld, de rest en het vervoer met public busjes moeten we zelf organiseren en betalen. Kirstie wordt wel een beetje zenuwachtig bij het ontbreken van een ´planning´. Sil staat daarentegen te popelen, een beetje avonturieren en het komt altijd goed.

En natuurlijk gaat het dan gelijk mis :) Geert was vergeten te vertellen dat we naar de mini-bus terminal moesten, wij stonden voor de normale bus terminal. Gelukkig lagen die niet ver van elkaar vandaan en waren we nog ruim op tijd. Alles komt altijd goed! Geert belt nog even met de busmaatschappij om te checken of alles is goedgegaan met ons, wat een service! Nils stond ook al op het terminal te wachten, met volle eettas. Nils en zijn eettas, een verhaal apart. Hij als single reiziger liep altijd rond met een eettas zo groot dat het leek alsof je er een heel gezin mee kon voeden. Hij houdt van koken en had daardoor altijd zijn eigen olie, azijn, sausjes, kruiden en versnaperingen bij zich. Even later zaten we in een 8 persoonsbusje, inclusief 1 kalkoen in het achterstuk. Die was net op de markt gekocht om die middag thuis geslacht te kunnen worden. Wij wilden inmiddels de chauffeur slachten die zijn rijbewijs bij een pakje boter heeft gekregen. Omdat we bijna 1 kilometer klimmen, is de weg heel bochtig, en voor iedere bocht geeft de man gas om vervolgens keihard te remmen in de bocht. Misselijkmakend en frustrerend! Ook zien we tijdens de rit de mountainbikers die de Jungle trek aan het doen zijn, wat een veel beter vervoersmiddel lijkt op dat moment, Steph twijfelt nog even over de keuze voor Geert. Maar de aankomst bij de familie neemt dat alles weg, Senora Julia en haar zoon Eric geven ons een warm welkom en heerlijke verse sinaasappelsap van de vruchten van hun erf, en ook onze kamers zien er goed uit. Nils slaapt de 2 nachten bij ons in de kamer en er is ruimte genoeg. Omdat we de berg over zijn gekomen en tot het dal zijn afgedaald tot ongeveer 1.000 meter, zijn we terechtgekomen in een semi-jungle en is het eindelijk weer warm. Heerijk, eindelijk alle kledinglagen en sokken uit en flipflops weer aan!

Al heel snel staat de lunch op tafel en komen de rest van de kinderen, vriendjes en nichtjes terug uit school. De lange tafel is gevuld met etende en kletsende mensen, we voelens ons nu al onderdeel van de familie. Na de lunch gaan we het erf van de familie op, senora Julia en Eric laten met trots alles zien, je merkt echt dat ze leven van het land, het respecteren en voeden, omdat het hen voedt. Koffiebomen hebben naast zon ook veel schaduw nodig om goed te rijpen, dus naast de koffie verbouwen ze ook fruit met over het algemeen grotere bomen en bladen. In de twee uur lopen we langs bananenbomen, ananasstruiken, proeven we passievruchten, plukken we sinaasappels en manderijnen. Alles is organisch geteeld, Julia weet alles over haar gewassen en wij leren veel en verzamelen lekkers voor het ontbijt. Daarna steken we de rivier over die het einde van het erf aangeeft en betreden het erf van de buren, die op dat moment druk zijn met de koffieoogst. Toch nemen ze de tijd om met ons in hun kleine forelvijver te vissen. Angelo, fanatiek sportvisser, mag aan de slag met het verzamelen van ons avondeten. Niet met hengel helaas, maar met een visnet, toch blijkt het lastiger te zijn dan gedacht en krijgt hij hulp van de buurman. En even later staan de alle dames in de keuken de forel te bereiden. Sil snijdt de forel in en Kirstie maakt de olie met verse koriander, knoflook en tomaat die over de vis zal gaan. Alles onder bezielende leiding van senora Julia. Eric haalt ondertussen de bananenbladeren van de boom, want hierin worden ze gestoomd boven het open vuur waarop ze koken. Senor Juan, el padre, is inmiddels ook thuis van het oogsten, hij heeft standaard een brede glimlach op zijn gezicht, die nog groter wordt wanneer de mannen wat biertjes halen. Ook maakt hij zijn befaamde aji, soort sambal, met pinda´s. Heerlijk! Even later zitten we samen weer aan de lange tafel te smullen van al het lekkers. We hebben wat gesprekken met de familie en het buurmeisje dat ook is langsgekomen. Zij studeert Engels en heeft veel reisplannen. Mooi om te zien. Zij wil ook graag wat muziek horen die we hebben. Zo staat ineens Andre Hazes uit de boxen te schalken op een koffieboerderij in Peru, Steph was helemaal in zijn sas, bij Nils kwam het Koninginnedagtrauma omhoog en de Peruanen snapte Dre niet helemaal; Daar kan je toch niet op dansen? Steph begreep de hint en zette Buena Vista Social Club op en dat konden we allemaal waarderen. De Spaanse lessen kwamen hier ook weer goed van pas, niemand sprak Engels, wij waren de enige van de groep die Spaans spraken, Sil vertaalde veel voor de rest van de groep en zo konden we toch goed communiceren.

Na het fruitontbijt met gebakken banaan en gekookte yuca pakken, nemen we afscheid van de familie, dikke knuffels worden er gegeven en nog een mooie groepsfoto gemaakt. Senora Julia begeleidt ons naar de hoofdweg waar we wachten op een locaal busje naar Santa Marta, waar senor Alejandro, hoofd van de tweede familie die we gaan bezoeken, op ons zal wachten. Hij zou ons daar op 9 uur ophalen, nu weten we inmiddels dat iedereen in Zuid-Amerika alles behalve punctueel is, maar hij kwam rond half 11 pas aan. Wij maakten ons niet druk, het komt namelijk altijd goed, de mannen gingen de Vietnamese shuttle hooghouden en de dames gingen een bakje koffie scoren. Maar het betekende wel dat we in de grootste hitte van de dag de klim van 3 uur zouden moeten maken. Steph met zijn marathonbenen en Sil in de zigzag, we gingen redelijk goed omhoog, maar de rest had het zwaar. Angelo had al dagen buikgriep en Nils had al jaren niet meer gesport. Daarnaast waren er stukken waar we op smalle randjes langs diepe dalen liepen, en Nils heeft hoogtevrees. Gelukkig is de tocht echt prachtig en geeft veel afleiding door de rivieren die we oversteken, de watervallen, kleurrijke planten en het waanzinnige uitzicht op de Sacred Valley. Een deel van de wandeling volgt ook het orginele Incapad dat in 1500 is aangelegd en gebruikt is door de Inca´s om handel, voedsel en nieuws te vervoeren. Die wetenschap maakt de loop nog zoveel meer bijzonder. Toch zijn we allen blij wanneer we aankomen bij het huis van de familie Alejandro. We merken wel dat, net zoals overal, niet alle families hetzelfde zijn. Waar er in het huis van senora Julia alles samen gedaan werd, was er hier meer een scheiding van taken. Alejandro praat met ons, de dames staan in de keuken, daarnaast eten we aan een aparte tafel buiten, zonder dat de familieleden aansluiten. Het eten is weer overheerlijk, geen cavia, die ze zelf wel veel eten en die in de keuken rondrennen. In de hele Andesregio door het continent eten ze cavia´s, slim, want ze zijn makkelijk te vangen en vermenigvuldigen zichzelf als konijnen. Geen honger dus!

Na de lunch wordt Angelo gestoken door iets, Kirstie rent gelijk weg om de antihistamine te pakken, want 2 weken eerder gebeurde hetzelfde en was Angelo volledig opgeblazen van de allergische reactie. Nu maar hopen dat het dit keer beter gaat, gelukkig slaat het medicijn aan en valt het alles mee. Dus gaan we samen het erf op, dit keer om koffiebonen te oogsten. We krijgen zakken om onze schouders en plukken in een uur zo´n 5kg bij elkaar. Steph en Angelo worden ingezet om de hoge rode vruchten te plukken, waar de locals moeilijk bij kunnen. Na de oogst gaan we met de vrouw van Alejandro de keuken in om de koffie te braden, daarna malen we het en drinken we een heerlijk bakkie. Mooi om als koffieliefhebber te weten waar dat goedje vandaan komt. Na een dutje mogen we alweer aan tafel, heerlijk maal werd ons weer geserveerd en we kletsen en lachen veel tot laat. Reizen is naast het bezoeken van plekken met name zo leuk vanwege de mensen die je ontmoet. Je deelt je ervaring met ze, doet inspiratie voor nieuwe reizen of keuzes die mensen maken, lacht veel en leert nieuwe kaartspelletjes.

De volgende ochtend ontbijten we vroeg (met guacamole!) en nemen afscheid van Alejandro en zijn familie. We wandelen zelf naar beneden, waar de taxi op ons wacht die ons naar Hydroelectrica brengt. Er zijn 4 zitplaatsen, dus Sil gaat in de achterbak. Het is een prachtige route door de Sacred Valley, en we komen onderweg ook wandelaars tegen die als onderdeel van de Jungle trek dit gedeelte lopen, echter de hele weg is over een autoweg, wij zijn blij dat we in een auto zitten. In Hydroelectrica aangekomen moeten we ons bij een politiekantoortje registreren, samen met de gids, maar die hebben wij natuurlijk niet. Of we die dan even zouden kunnen gaan halen...in Cuzco?! Want anders mogen we niet naar binnen! Sil haar Spaans en glimlach kwamen weer goed van pas, want even later mogen we verder. Hydroelectrica, waar wegens de sterk stromende rivier Urubamba een electriciteitscentrale is gebouwd, is het begin van het laatste deel van de trek naar Aguas Calientes, oftewel Machu Picchu village. De trek voert over de treinrails in 4 uur langs de rivier door de vallei die indrukwekkend mooi is en waar je al delen van de ruines kunt zien. We worden allemaal superenthousiast en kunnen niet wachten om de volgende dag alles te zien. Zelfs Sil die al geweest is, en nog even twijfelde of ze weer zou gaan, besloot gelijk om toch te gaan. Steph en Nils besloten toen dat ze het laatste stuk de volgende dag lopend zouden afleggen. Sil had dit 3 jaar geleden ook gedaan en wilde het niet nog een keer doen, het is namelijk een helse loop over een steile oude Inca trap met ongelijke treden die je in 1 1/2 uur bijna 1 kilometer hoger brengt. Daarnaast begin je de loop in het donker, met je koplamp op, het maakt de coordinatie op de ongelijke trap nog lastiger. Aangezien Angelo ziek is en Kirstie solidair is, gaan zij met z´n drietjes de volgende dag met de bus omhoog, want dat kan ook. Steph en Nils voelen zich tijdens het avondeten superieur en maken de rest uit voor busmietjes en toeristen.

We gingen die avond rond 21 uur naar bed, Steph en Nils vertrokken om 4 uur, de rest stond om 5 uur in de rij voor de bussen. Samen met 200 anderen! Christus, niet verwacht dat er zoveel mensen zouden staan. Gelukkig waren alle winkeltjes al open en kon Sil een coca thee en een muslireep scoren. Volledig onzuidamerikaans werden alle mensen in de rij op een georganiseerde wijze verdeeld over de bussen en een half uur later stonden we voor de ingang en wisten we een kaartje voor Huayna Picchu te bemachtigen. Dagelijks mogen er maar 400 van de 2000 bezoekers de ´jonge berg´ beklimmen. Sil had vorige keer misgegrepen en was super blij dat het dit keer wel ging gebeuren.

Steph zijn competitiedraang kwam bij de beklimming weer enorm naar boven. Hij rende omhoog en vertelde later met trots dat hij nummer 13 was die op MP aan was gekomen die dag. Nils probeerde ook mee te komen maar het lukte niet en moest op een gegeven moment zelfs overgeven van de hitte, inspanning en de pisco sours die we de avond ervoor gedronken hadden. Aangezien MP in een wolkenbos ligt is het normaal gesproken tot 10 uur gehuld in wolken en onthult het geheel zich pas wanneer de zon begint te schijnen en de lucht verwarmt. Aangezien het deze ochtend al warm was, waren de wolken om 7 uur al volledig verdwenen. Steph en Nils hadden een kaartje voor Huayna Picchu voor de shift van 10 uur, de rest voor 8 uur. Sil wist dat hoe eerder je een kaartje bemachtigde voor HP, hoe later je de shift kreeg, omdat dat normaal gesproken beter is qua uitzicht en verwachtte Steph dus pas einde van de middag terug te zien. De tocht naar HP is steil omhoog en duurt een uur. Snappen nog steeds niet waarom die kleine Inca´s zulke grote traptreden maakten. Bijna aan de top maakten Angelo, Kirstie en Sil even een kleine stop, komt ineens Steph de hoek om! Zo´n leuke verrassing, want zo konden we het prachtige uitzicht op Machu Picchu samen delen, en dat is toch het leukst.

Dit jaar is het 100 jaar geleden dat de Brit Bingham Machu Picchu ontdekte, en nog steeds kennen we niet de volledige achtergrond van MP. Theorieen gaan uit van een koninklijke rituele plek, het kon namelijk maar 750 personen herbergen, dus is hoogstwaarschijnlijk niet een echte stad geweest. Door de afgelegen en hoge ligging hebben de Spanjaarden het nooit bereikt in hun verovering van de Inca´s. Omdat de Spanjaarden een stempel wilde drukken op het volk, bouwden ze vaak op de heilige plekken of een grote kathedraal of vele kruisen, of de combinatie, zodat de locals zich nog sneller zouden onderwerpen aan de nieuwe heersers. Machu Picchu is hiervan bewaard gebleven en vandaag de dag worden in Peru nog sites gevonden die groter zijn dan MP. Wij verwachten dan ook met ons pensioen terug te keren om het nieuwe MP te zien. Maar voor nu nog even genieten van het huidige MP, iedereen liep daarna nog een uurtje of 2 op eigen houtje door de ruines. Langzaam begonnen alle toeristen binnen te komen, dan wordt het echt te druk en ook te warm om echt van deze magische plek te genieten en aangezien we die middag om 16 uur de trein hadden, besloten we terug te gaan naar het dorp om nog even te lunchen. Ook de stoere loopmannen zetten hun trots opzij en gingen lekker met de bus naar beneden. De hoofstraat van MPvillage is echt te toeristisch, alles is Inca, inca sour, inca pizza, inca saltado, lampen in de vorm van het incakruis en in Cuzco lopen er mannen in incapakjes rond. En aangezien het een jubileumjaar is, had ook Cuzquena, het lokale biermerk (in handen van Heineken) een speciale jubileumeditie fles, met aan de onderkant Incastenen. Cuzquena is Steph zijn favoriete Zuid-Amerikaanse biertje. En ook de Peruaanse keuken is in tegenstelling tot die in de rest van het continent, niet volledig gericht op het praktische nut van eten, maar smaak en combinaties en is daardoor de favoriet van ons. Elk restaurant heeft voor de lunch een menu del dia waar je voor zo´n 5 dollar kunt kiezen uit 5 voorgerechten en 3 hoofdgerechten en een toetje. Koopie! Wij gingen met volle buikjes de trein in, een prachtige rit door de Sacred Valley en de bovenkant van de trein is een raam om de uitzichten te optimaliseren.

De treinreis eindigt in Ollantaytambo, één van de andere dorpen in de vallei met Inca ruines en aangezien er vandaar nog andere sites bezocht kunnen worden, besluiten we daar ook nog 1 nachtje te slapen. En dat pakt geweldig uit want je slaapt daar midden tussen de ruines, alsof je op MP slaapt en op advies van Geert gaan we naar een goed restaurant waar we een Argentinie tippende filet mignon met blauwe kaassaus eten en een goed glas wijn drinken. Je had de mannen niet gelukkiger kunnen krijgen. Alleen aan het uitvallen van de stroom in het restaurant merk je dat je in een tweede wereldland bent. De volgende dag word je dus wakker in een ruine, een oud Inca-dorpje, met een ingenieus irrigatiesysteem en prachtige straatjes en uitzichten. Na het ontbijt stappen we in de taxi die ons naar Moray brengt. Een Inca-site die bestaat uit een bouwwerk van inmens grote circels die zo´n 400 meter diep zijn. De theorie gaat dat de Inca´s de cirkels gebruikten om gewassen die op lagergelegen gebieden groeiden, door ze steeds een cirkel omhoop te verplaatsen, lieten wennen aan de hoogte, waardoor ze ook daar zouden kunnen groeien en dus de hoger gelegen Incadorpen van voedsel konden voorzien. Onderdeel van de cirkels was tevens een irrigatiesysteem dat het regenwater verdeelde over de gewassen. De cirkels waren dus een zekere vorm van genetische manipulatie van gewassen, in de 15e eeuw. Geniaal! En steeds meer vragen we ons bij het zien van de ingenieuze Incabouwwerken, wat er is misgegaan. De Inca´s waren inventieve ingenieurs, hun tijd ver vooruit. De Peruanen nu lijken in geen velden of wegen deze skills nog te bezitten. Naast de Moray cirkels bijvoorbeeld is een klein bezoekerscentrum met toilet. Er zijn mooie spoeltoiletten geinstalleerd, alleen moet je nog steed voordat je naar binnen gaat een emmertje water tapppen en dat in het toilet gooien...er is dus stromend water en een spoeltoilet op nog geen 2 meter van elkaar vandaan, maar die twee met elkaar verbinden, met geen mogelijkheid! nogmaals, what went wrong?
Na Moray rijden we door naar de zoutmijnen, we stijgen, de vallei uit en de uitzichten op de vallei en de besneeuwde Andestoppen zijn weer spectaculair. Onderweg rijden we door een dorpje en staan op een gegeven moment stil omdat een hele vrachtwagen stenen uitgeladen moet worden. Drie locals pakken steeds 1 steen en lopen daarmee naar binnen. Het gebrek aan efficiency en gebrek aan zin om te wachten, dwingt de mannen uit te stappen en het ´treintje mechanisme´ in gang te zetten. Binnen 5 minuten is de vrachtwagen leeg, de locals zijn blij en kenden het treintje blijkbaar nog niet, nogmaals, what went wrong? Even verder wordt in een weiland een zeer luxe tent opgezet met een prachtig uitzicht over de vallei en wij vermoeden dat er straks een luxe maal aan rijke toeristen/officials geserveerd gaat worden. Even verlangen we ook naar een plek aan die tafel, maar al snel beseffen we ons dat we het toch niet fijn zouden vinden. De mensen in deze streek zijn zo arm en eten wat het land ze geeft, wat soms heel weinig kan zijn en weinig variatie kent. Om in die armoede zo decadent te doen op een weiland van een boer die waarschijnlijk nog nooit een kok in kokmuts heeft gezien, zou alleen een slechte smaak achterlaten.
De eerste blik op de zoutmijn was al heel verrassend. Je verwacht namelijk een ondergrondse mijn, maar deze was extern en bestond uit zo´n 1000 bassins waarin zout gewonnen wordt. Een paar honderd meter hoger bestond de aangrenzende berg uit een laag zout, de rivier stroomt hierdoor heen en neemt op haar weg zoutsedimenten mee die door een irrigatiesysteem langs de bassins stroomt en het zout achterlaten. De bassins zijn nog steeds in het bezit van verschillende lokale families die leven van de verkoop. Bij binnenkomst is er dan ook een kleine kerk die de lokalen gebruiken om God te danken voor het zout dat hun leven zoet maakt.

De taxi bracht ons terug naar Cuzco, bij aankomst hebben we enorm veel trek en geen betere manier om die te lessen dan het Israelische restaurantje dat Sil 3 jaar geleden al ontdekt had. Ze beweren de beste avocado van Peru te hebben en niets is minder waar, de avocadosalade smelt op je tong, de soepen zijn er verrukkelijk en de sandwiches en shoarmabroodjes gigantisch. Teruggekomen in het hostel wisten we dat Caroline en Rebecca inmiddels moesten zijn aangekomen en het weerzien was heel erg gezellig. Rebecca was wel een beetje ziek en wij waren moe, dus gingen vroeg naar bed. Zij hadden zich voor de volgende dag ingeschreven voor een cursus chocolade maken, toen Sil dit hoorde wilde ze gelijk mee en mailde gelijk Kirstie die ook direct verkocht was. Dus plan voor de volgende dag was dat de dames elkaar meeten in het chocolademuseum en de mannen in, op aanraden van Brommet, de Irish Pub the ´Crossed Keys´. Typisch.

Het chocolademuseum is opgezet door een jong Frans stel dat mee had geholpen om eenzelfde museum in Costa Rica te managen en nu besloten hadden om het zelf in Cuzco te gaan doen. Tijdens de cursus leer je from scratch hoe je chocolade maakt en knutsel je een eigen portie chocolade die je de volgende dag op kunt halen. Sil maakt extra donkere chocolade en is verbaasd hoe lekker dat met een beetje zeezout erin is, en ook de chocoladethee, gemaakt van de schil van de gebrande cacaoboon, is heerlijk. Er zitten ook twee Fransmannen in de cursus en we nodigen hen en het Franse stel uit om na de cursus aan te sluiten in de pub die avond. Inmiddels waren de mannen uren en vele grote pints bier verder. Zij konden de komst van de Fransen niet zo waarderen en zagen hun avontuurlijkheid en helblauwe ogen als bedreiging. De mannen werden heel primair en probeerde hun territorium af te bakenen, net als honden, plasjes eroverheen. De Fransen konden niets goeds zeggen, volgens mij is de uitspraak ´taking a piss´ in een dergelijke situatie ontstaan. De dames zien het langzamerhand steeds erger worden en nemen snel afscheid van de Fransen om bij het Indische restaurant te gaan eten. En daar, onder het genot van het heerlijke Indische eten en de vriendelijkheid van de Indische baas, wordt de Franse veldslag doorgezet, Nils, als echte Engelsman weet niet beter en maakt ze met de grond gelijk. Sil kon op het toilet de trillingen van het schatergelach horen in het restaurant. De mannen waren het helemaal eens en schaterde voluit. De dames waren het ook helemaal eens, de mannen waren stinkjaloers. Wij, Caroline, Rebecca en Kirstie haken af, gaan slapen, maar Nils en Angelo gaan nog even door met de kroegentocht.

Volgende middag hebben we een debriefing met Geert over de homestays die we gedaan hebben. Nils en Angelo zitten er brak en pips bij en halen uit hun zakken allemaal kleine witte balletjes. Ze zijn die avond ervoor uit 2 kroegen gezet en herinneren zich ineens weer waarom dat was...ze waren als malloten op de zitzakken gaan springen, waardoor ze waren geknapt en helemaal leegliepen in de kroeg...whoeps!
Caroline en Rebecca vertrekken de volgende dag naar Manu National Park, prachtige jungletochten in het vooruitschiet, alleen is de maag van Caroline het niet eens. Als prescription drug addicts, zoals zij zichzelf omschrijven, hebben ze van alles bij zich om weer beter te worden. Wij vertrekken die nacht richting Arequipa en horen later dat ondanks alle medicijnen, Caroline toch naar het ziekenhuis moest en een parasiet bleek opgelopen te hebben, uitgedroogd was en en daar 36 uur aan een infuus heeft gezeten. Sil is inmiddels ook nog steeds niet van haar buikproblemen af, maar merkt dat het afhankelijk is van de hoogte. Zodra we in de vallei waren, had ze nergens last van, gelukkig is de volgende stop Arequipa, lager en warmer, Sil kijkt er naar uit.

Cuzco en Machu Picchu waren magisch en gehuld in ontmoetingen met zowel reisvrienden als famillies waar we toch even onderdeel van waren. Heel bijzonder! Nu op naar Arequipa waar de diepste canyon van de wereld en de condors op ons wachten!